Caravan en de Wet

www.caravanendewet.nl

Wettelijke teksten 

Auto - Caravancombinatie, 

Technische-Inrichting, 

Rijden-Gebruik.

Boven in de site onder wettelijke teksten vindt u die teksten aangaande het rijden met een personenauto (+ auto grijskenteken < 3500 kg) met caravan. De teksten zijn zo gekozen dat deze alleen betrekking hebben op de combinatie auto met caravan

De onderverdeling is als volgt:


Inrichtingseisen auto en Bijlage VIII wijze van keuren o.a. spiegeleisen
Inrichtingseisen caravans > 750 kg
Inrichtingseisen caravans < 750 kg
Gebruikseisen auto + caravan
Rijbewijs wetgeving
Kenteken wetgeving
RVV gedragsregels auto + caravan 
Internationale wetgeving
Gas/LPG

Hieronder enkele belangrijke 

BEGRIPPEN uit de Regeling Voertuigen


Afdeling 1. Begripsbepalingen
Onderstaande begrippen komen uit de Regeling voertuigen en geven een verklaring van de verschillende benamingen. Dit kan van belang zijn bij de interpretatie van de wetsartikelen.

samenstel van voertuigen:

trekkend voertuig met een of meer aanhangwagens;

personenauto:
voertuig van de voertuigcategorie M met de voertuigclassificatie M1 niet zijnde een gehandicaptenvoertuig of een motorrijtuig met beperkte snelheid; in ieder geval wordt als personenauto aangemerkt een voertuig dat blijkens het afgegeven kentekenbewijs een personenauto is;

bedrijfsauto:
voertuig van de voertuigcategorie N, niet zijnde een gehandicaptenvoertuig of een motorrijtuig met beperkte snelheid; in ieder geval wordt als bedrijfsauto aangemerkt een voertuig dat blijkens het afgegeven kentekenbewijs een bedrijfsauto is;



aanhangwagen:
voertuig van de voertuigcategorie O; in ieder geval wordt als aanhangwagen aangemerkt een voertuig dat blijkens het afgegeven kentekenbewijs een aanhangwagen is;





autonome aanhangwagen:

aanhangwagen met carrosserietype DB met ten minste twee assen, waarvan er ten minste één een gestuurde as is, en uitgerust is met een ten opzichte van de aanhangwagen verticaal beweegbare trekinrichting dat minder dan 100 kg belasting overbrengt op het trekkende voertuig; in ieder geval wordt als autonome aanhangwagen aangemerkt een voertuig dat blijkens het afgegeven kentekenbewijs een autonome aanhangwagen is;



middenasaanhangwagen:

aanhangwagen met carrosserietype DC en met een stijve dissel waarvan de as(sen), indien gelijkmatig belast, zich dicht bij het zwaartepunt van het voertuig bevindt (bevinden), zodat slechts een geringe statische verticale belasting van ten hoogste 10% van de met de technisch toegestane maximummassa van de aanhangwagen overeenkomende belasting of van 1.000 kg, waarbij de lichtste belasting is van toepassing is, wordt overgebracht op het trekkende voertuig; in ieder geval wordt als middenasaanhangwagen aangemerkt een voertuig dat blijkens het afgegeven kentekenbewijs een middenasaanhangwagen is;


as:

aslichaam, of geheel van aslichamen in geval van onafhankelijke wielophanging, met inbegrip van twee wielen in één lijn loodrecht op de lengte-as van het voertuig;




asstel:

combinatie van twee of meer assen, evenwijdig gelegen op een onderlinge afstand van minder dan 1,80 m;




Luchtband:
band waarin zich in normale, bedrijfsvaardige toestand gas bevindt onder een hogere spanning dan de atmosferische;


hoofdgroeven:
brede groeven in het middelste gedeelte van het loopvlak van een band, welk gedeelte ongeveer 75% van de breedte van het loopvlak inneemt;





loopvlak:

deel van de band dat gemeten symmetrisch ten opzichte van het midden, 50 mm minder bedraagt dan de breedte in de maataanduiding van de band;






lastdrager:

afneembare of uitschuifbare constructie die is bestemd voor het vervoer van goederen, met inbegrip van hulpmiddelen en die:
a. aan de bumper, op de trekhaak of op het dak van een personenauto, bedrijfsauto, of driewielig motorrijtuig is aangebracht , dan wel is geïntegreerd in de achterzijde van het voertuig;
b. aan de achterzijde, op de trekdriehoek of trekboom van een (middenas) aanhangwagen met een technisch toegestane maximummassa van niet meer dan 3500 kg is aangebracht, of


















lading:

alle personen, dieren, goederen, lastdragers, alsmede zonder gebruik van gereedschap van het voertuig los te nemen laad- en losinrichtingen en voertuiguitrustingen, het reservewiel alsmede verwisselbare uitrustingsstukken daaronder niet begrepen;


ondeelbare lading:

lading die ten behoeve van het vervoer over de weg niet in twee of meer ladingen kan worden gesplitst zonder dat zulks overmatige kosten of risico van schade meebrengt;



Status van een caravanmover 

Onderstaande tekst is geen wettelijke tekst maar de toetsing van de caravanmovers aan de wetgeving.
Deze tekst is tot stand gekomen met medewerking van collega's van de Politieacademie Apeldoorn.

Caravan-movers 

De Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) kent de volgende begripsbepalingen voor wat betreft soorten "voertuigen", namelijk motorrijtuigen, aanhangwagens, bromfietsen en fietsen met trapondersteuning.
Movers zijn zowel vast als "los" verkrijgbaar.
De vaste mover wordt op de caravan gemonteerd. De status van de caravan verandert daardoor niet, immers het is en blijft een voertuig dat kennelijk is bestemd om te worden voortbewogen door een motorrijtuig.
De wijze waarop de "losse" mover tijdelijk met de caravan wordt verbonden kan variëren per merk/type. Daar waar een vast gemonteerde mover de status van de caravan niet verandert, geldt dit zeker ook voor de tijdelijk gemonteerde "losse" mover.
Daar waar het voor de hand ligt de vast gemonteerde mover te vergelijken met een koelkast of ander accessoire, kan de vraag gesteld worden welke status een "losse" mover heeft. Onzes inziens is hier geen sprake van een voertuig, immers er moet dan sprake zijn van "iets" dat rijdt of glijdt. Hieraan voldoet een zelfstandige "losse' mover niet.


De Regeling Voertuigen verstaat onder voertuigen: motorrijtuigen, aanhangwagens, fietsen, zijspanwagens, wagens of andere constructies, niet bestemd om langs spoorstaven te worden voortbewogen. Kinderwagens, niet-gemotoriseerde rolstoelen, kruiwagens of soortgelijke kleine constructies worden geacht niet te vallen onder andere constructies. De regeling voertuigen kent zelf geen begripsbepaling motorrijtuig, hetgeen betekent dat de begripsbepaling van de WVW 1994 moet worden gehanteerd.
De enige vraag die dan nog rest is of de "losse" mover wellicht past onder de omschrijving: een andere constructie, niet bestemd om langs spoorstaven te worden voortbewogen. Onzes inziens niet, immers deze mover is in het geheel niet bestemd om te worden voortbewogen, maar heeft juist de bestemming om iets anders (in dit geval een caravan) voort te bewegen.
De conclusie van voorgaande moet zijn dat een caravan voorzien van een (losse) mover daardoor geen motorrijtuig wordt, immers het voertuig krijgt daarmee niet de bestemming om te worden voortbewogen door een mechanische kracht op of aan het voertuig zelf aanwezig, maar is en blijft een voertuig dat kennelijk is bestemd om te worden voortbewogen door een motorrijtuig.


 




Aansprakelijkheid bij gebruik mover

De Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen verstaat onder motorrijtuigen ongeveer hetzelfde als de Wegenverkeerswet 1994.
De caravan die toevallig even door een mover wordt voortbewogen in plaats van door een motorrijtuig wordt daarmee dus geen motorrijtuig en daarmee dus niet WAM - plichtig. Betekent dit nu dat daar waar tijdens dit zelfstandig manoeuvreren schade worden toegebracht aan derden er geen beroep kan worden gedaan op de WAM - verzekeraar?
Onzes inziens geldt voor de beantwoording van deze vraag hetzelfde als voor caravans zonder mover. Zolang de caravan - of zoals artikel 1 van de WAM omschrijft: "al hetgeen na koppeling van het motorrijtuig is losgemaakt" - nog niet buiten het verkeer tot stilstand is gekomen kan er aanspraak worden gemaakt op de WAM-verzekeraar van het trekkende motorrijtuig.
In andere gevallen, zoals het uit de (winter)stalling manoeuvreren of het verplaatsen op de camping van de ene plek naar de andere zal men eventueel een beroep moeten doen op de AVP (of speciale aansprakelijkheidsverzekering) van de eigenaar van de caravan.
Waar de uiteindelijke grens wordt getrokken zal - zeker bij het steeds vaker gebruiken van movers - ongetwijfeld door de rechter worden vastgesteld als WAM-verzekeraars claims gaan afwijzen.

Voor zover bekend bestaat hierover nog geen jurisprudentie.